Toepasselijk btw-tarief op vervoerskosten: is het nu 6% of 21%?
Indien je als leverancier goederen levert of diensten verstrekt dan moet je BTW in rekening brengen over het totaal te betalen bedrag. In de praktijk komt het voor dat bijkomende kosten in rekening worden gebracht samen met de geleverde goederen of verstrekte diensten zoals vervoerskosten. De vraag is echter, wanneer moet je 6% rekenen en wanneer 21%?
Deze vervoerskosten behoren tot de maatstaf van heffing als ze door de leverancier of dienstverrichter in rekening worden gebracht, ongeacht of ze al dan niet afzonderlijk worden gefactureerd of zelfs ingevolge een afzonderlijke overeenkomst (artikel 26, tweede lid WBTW)
Het toepasselijke BTW-tarief van de (doorgerekende) transportkost is afhankelijk van het BTW-tarief dat over de geleverde goederen of verrichte dienst in rekening moet worden gebracht. Indien goederen (in het geval er verscheidene groepen van goederen worden geleverd) of diensten allemaal onderworpen zijn aan hetzelfde BTW-tarief, is het antwoord eenvoudig: de vervoerskosten zijn aan dat tarief onderworpen.
Indien deze transportkosten evenwel betrekking hebben op verscheidene groepen van goederen en/of diensten en onderworpen zijn aan een verschillend BTW-tarief, moeten deze kosten pro rata uitgesplitst worden over de prijs van de tot elke tariefgroep toebehorende goederen.
Aangezien deze uitsplitsing omslachtig is, aanvaardt de Administratie bij wijze van tolerantie dat de vervoerkosten eenvormig worden belast tegen het laagste tarief dat geldt voor de gefactureerde goederen. Deze administratieve tolerantie kan enkel worden toegepast indien de leverancier de met het laagste tarief belaste goederen gelijktijdig levert met de andere goederen.
Stel dat een drankenhandelaar water en bier levert aan een klant waarbij de levering van water onderworpen is aan het verlaagd BTW-tarief van 6% terwijl de levering van bier onderworpen is aan het standaard BTW-tarief van 21%. Daarnaast rekent de drankenhandelaar nog vervoerskosten aan. Deze vervoerskosten kunnen gefactureerd worden met toepassing van 6% op voorwaarde dat het water en het bier (met de onderscheiden tarieven) terzelfdertijd worden geleverd aan de klant.
Interessante inzichten en adviezen
Alle inzichten
Chefquet-arrest: aanvullende belasting voor niet-inwoners is in strijd met EU-recht
Het Europees Hof van Justitie oordeelde op 12 maart 2026 dat de Belgische aanvullende belasting voor niet-inwoners in strijd is met het Europees Unierecht. Wie deze belasting de voorbije jaren betaalde, kan ze integraal terugvorderen. We leggen uit hoe.
Vastgoed in de praktijk: wat zeggen onze experten?
Veel ondernemers willen investeren in vastgoed. Maar vastgoed is nooit zomaar een aankoop. Van slimme structuren tot fiscale aandachtspunten: drie VGD-specialisten beantwoorden de belangrijkste vragen.
Ontvang ons advies in je mailbox!
VGD doet er alles aan om je privacy te beschermen en te respecteren. Door op 'ik schrijf me in' te klikken, ga je ermee akkoord dat we de hierboven ingediende persoonlijke informatie kunnen opslaan en verwerken om de gevraagde inhoud te verstrekken.